Jolanda Pikkaart tekstschrijver freelance journaliste en schrijfster
 
Verhalen >    - 'Behouden thuiskomst' -

Behouden thuiskomst

Ze woonden gedwongen in een dorp, ze leefden van de dieren. Haar man hield niet van overdreven luxe. Maar zij werd sterker in zo'n harige jas. Maar de oorspronkelijke eigenaren dachten er misschien wel anders over.

"Hij staat u prachtig, mevrouw en hij slankt ook reuze af." De verkoopster keek haar stralend aan. Anja Mink, 41 jaar en in een andere tijd een topmodel van Rubens, draaide voor de spiegel.
"Wat voor soort was het ook al weer?" vroeg Anja Mink.
"Een nutria", deelde de verkoopster mee, alsof dat genoeg was.
"Een nutria", fluisterde mevrouw Mink. Dat klonk prettig en beschaafd en zeker niet dieronvriendelijk. Niemand zou bij deze benaming aan lieve, zachte diertjes denken.

Het leek op natura. Al haar vriendinnen zouden jaloers zijn op deze streelzachte, bijna levende warme jas.
"Ik neem hem, u hoeft hem niet in te pakken", besloot ze. Het was natuurlijk eigenlijk te warm voor de tijd van het jaar, maar ze moest deze schoonheid showen. Mooi was hij inderdaad; hij wekte de verwachting dat elk moment de dieren zich eruit konden bevrijden. 
"Wat is een nutria eigenlijk?", vroeg de klant op het nippertje.
"De nutria is familie van de castor!" was het arrogante antwoord.
"Aha", mompelde mevrouw Mink. Niet dat ze nu meer wist, maar ze voelde zich zo al dom genoeg. Met opgeheven hoofd en de jas aan, liep mevrouw Mink door de chique winkelstraat.
De ergste woede rond bont was over, hoewel ze soms iemand zag kijken. Voor een schoolplein stond een groep kinderen. 
"Een tweedehands jas", zongen ze op een pesterig toontje. "Een madammeke in een bontjas", riep één van de kinderen haar na. Trots schreed mevrouw Mink verder. Bij haar in het dorp zouden ze er anders over denken. Dieren waren daar inkomsten, de meeste buren waren boeren. Zelf had ze liever in de stad gewoond, in een buurt met stijl, zodat ze kon genieten van mooie dingen. 
Vanavond zou ze flink wat problemen krijgen. Haar man begreep die luxe neigingen van haar niet. Hij was een geboren plattelandsjongen en had totaal geen behoefte aan kapsones. Een vrouw met een bontjas, blij zou hij er niet mee zijn. Zachtjes streek mevrouw Mink over de zachte pels. Het was bijna erotisch. Ze voelde zich een ander mens! Ze stapte een luxe patisserie binnen. Hier was haar jas thuis. Ze bestelde een uitgebreide lunch, om nog even de weelde te vergroten. Ze schraapte haar laatste geld uit haar laatste geld uit haar portemonnee. Dit zou haar een paar pumps kosten! 
Hun huis lag nogal afgelegen, ver van de openbare weg. Meestal, als ze één keer per half jaar naar de stad ging, dan nam ze de trein en de taxi. Ze keek nog een keer in haar handtas. Nee, een taxi zat er niet meer in. Dit betekende een flinke wandeling, zeker op haar hoge hakken. Waarom gaf haar man haar dan ook geen auto? 
Een beetje geïrriteerd stapte mevrouw Mink in de trein, eerst anderhalf uur hierin zitten en dan ook nog een half uur lopen. Het was ook niet zo'n prettige route. Ze moest een stuk door het bos, langs het meer en dan over de brug richting huis. Maar goed, ze was gelukkig met zo'n jas! Ze zat met een kopje koffie en een broodje in de eerste klas. Af en toe streelde ze liefkozend haar jas, het leek wel of ze een huisdier aaide... 
Langzaam soesde ze weg. Met haar wang tegen de zachte vacht, veilig en warm. Het leek alsof ze werd geknuffeld. Ze kroop helemaal weg in de jas. Toch droomde ze van boze nutria's en castors. Het waren grote kale beesten, wel drie meter hoog met lange klauwen en grote tanden. Uit onwetendheid ontsproten! 
"We willen onze huid terug!", schreeuwden de monsters dreigend. Met een gil schrok mevrouw Mink wakker. Ze voelde zich schuldig. Maar wat een onzin. De dieren werden er speciaal voor gefokt. Bijna iedereen had toch ook leren schoenen en vooral die protesterende jeugd, allemaal in leren jassen! Ze vond dat mensen die tegen bont waren, consequent moesten zijn; dus ook geen vlees eten. 
Nog een beetje suf stapte ze uit de trein. Ze zag er wel tegenop om nog zo'n eind te moeten lopen. Wankelend liep ze het eerste stuk door het bos, struikelend en vloekend probeerde ze overeind te blijven. Ze voelde zich net zo'n grote harige beer, op jacht in zijn territorium. Maar die hadden geen hoge hakken! 
Eindelijk was ze door het bos. Nu moest ze nog een kwartier langs het water lopen tot de brug. Haar voeten waren stuk en ze was moe. De mantel leek zwaarder. Na vijf minuten stond ze stil. Er was iets in het water gebouwd! Het was een dam; als ze haar schoenen uitdeed zou ze er gemakkelijk overheen kunnen. Het zou haar de omweg en heel wat tijd besparen! 
Mevrouw Mink pakte haar schoenen in haar rechterhand en liep als een mollige koorddanser over de dam. Halverwege de dam stond ze stil, ze moest even op adem komen. Plotseling schoten er beesten langs haar voeten. Ze wankelde. 
"Ratten?" gilde ze in angst. Ze probeerde haar evenwicht te bewaren en bewoog haar armen, maar ze viel voorover. Niet in paniek raken, je kunt goed zwemmen, schoot het nog door haar heen. Ze probeerde te zwemmen. Ze voelde dieren langs haar benen. De jas werd zwaar. Even kwam ze boven, ze proestte en vocht. De vacht was nat en log, de oorspronkelijke bewoners hadden hiermee uitstekend kunnen zwemmen. Bij haar leek het alsof ze werd meegesleurd naar de diepte. De laatste rimpeling in het water vervaagde. De vacht was weer waar hij thuis hoorde. 
Sommige mensen maakten het ook te bont. 
Mevrouw Mink zou nooit weten dat een nutria een beverrat was. 

Verschenen in: 'Verzamelde korte verhalen van Nederlandse en Belgische auteurs' Uitgeverij  De Vleermuis.

©Jolanda Pikkaart.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden voor persoonlijk gebruik.