Artikelen > Personeelsbeleid
Prestatiebeloning: belonen of straffen?
Het onderwerp prestatiebeloning is de laatste tijd geregeld in het
nieuws. In de 'snoep'-cao wordt het ingevoerd. Na dreiging met
staking, is het in de zuivel herroepen. Bij Solvay Pharmaceutical
geldt de prestatiebeloning nu voor het gehele personeel. En de
'nieuwe' prestatiebeloning van Philips wordt door sommigen een
'systeem van straffen' genoemd.
Prestatiebeloning is een beladen term. De FNV spreekt over flexibele
beloning waarvan prestatiebeloning een onderdeel is. Veel werkgevers
willen af van de automatische verhogingen en de werknemers
flexibeler gaan belonen. Maar vakbonden hechten veel waarde aan
collectieve beloning. Volgens Stichting Technologie Vlaanderen zijn
veel medewerkers voor prestatiebeloning. De meerderheid gaat ervan
uit men zelf voldoet aan de criteria om in aanmerking te komen voor
de beloning. In de praktijk blijkt dat maar voor een kleine groep op
te gaan.
Collectief versus individueel
Volgens FNV-bestuurder Janny Koppens zijn er tal van redenen om
voor collectieve beloning te kiezen. Zij noemt onder meer
compensatie voor geldontwaarding, meedelen in de economische groei
en werknemers in staat stellen zelf hun loon te controleren. Maar
ook de solidariteitsgedachte 'gelijk werk voor gelijk loon' en het
tegengaan van een concurrentiestrijd tussen bedrijven over de
hoofden (lonen) van de werknemers - in plaats van op basis van
kwaliteit, dienstverlening en productveiligheid - vindt zij
argumenten.
De voorkeuren van werkgevers liggen echter anders. Eind 1999 deed
Ronald de Leij, directeur VNO-NCW, de volgende uitspraak in
FEM/DeWeek: 'Geen collectieve loonsverhoging en weg met de
periodieken', want hij is een voorstander van flexibele beloning
zoals prestatiebeloning. Volgens woordvoerder R. van de Kooij is de
uitspraak van De Leij nog steeds van toepassing.
Nadruk op motiveren
'Prestatiebeloning-"oude stijl" willen we niet,' zegt Ron
Peters, adviseur beloningstechniek van FNV Bondgenoten. 'Flexibele
beloningen zoals ontwikkelingsbeloning, teambeloning en beloning
voor inzetbaarheid, kunnen een optie zijn, mits het bedrijf er
competent voor is'.
Of de bedrijven er competent voor zijn, wordt volgens Peters bepaald
aan de hand van vier criteria: het bestaan van een 'kwalitatief
goede' cao, goede afspraken met vakbonden, de
medezeggenschapscultuur en de kwaliteit van het
personeel-en-organisatiebeleid.
Doekle Terpstra, voorzitter van de CNV, legt de nadruk op motiveren.
'Wij zijn niet tegen prestatiebeloning, wij zijn voor motiverend
beloningsbeleid! Wij zijn wel tegen demotiverend beloningsbeleid.
Wat wij graag willen is dat het een additioneel karakter heeft, dus
een aanvullend karakter op de reguliere beloning.'
Hoe beoordelen?
Bij het beoordelen gaat het om inzichtelijkheid en duidelijkheid.
Er moeten procedures worden vastgelegd. Leidinggevenden dienen
ondersteund te worden met opleidingen. Een tussentijdse
terugkoppeling naar de medewerker en een evaluatie geven de
werknemer de kans om de uitkomst te beïnvloeden.
'Een werknemer zou beoordeeld moeten worden op de functie, daar is
hij voor aangenomen,' meent Dack Schram, adviseur beloningstechniek
van de FNV. 'En dan op criteria die beïnvloedbaar zijn voor de
werknemer".
Zijn collega Peters vindt het belangrijk dat werknemers niet in
vergelijking met elkaar beoordeeld worden.
Hoe stuur je dat als werkgever?
'In de beoordeling van leidinggevenden is de manier waarop ze hun
medewerkers beoordelen meegenomen. Er wordt ook gekeken naar de
differentiatie van de beoordelingen,' zegt Overbeeke, hoofd p&o van
Solvay Pharmaceutical. Met andere woorden: heeft de leidinggevende
de medewerkers wel verschillend beoordeeld?
Philips mogelijk trendsetter
Bij Philips is onlangs prestatiebeloning in de cao opgenomen. De
collectieve loonsverhoging moet plaats maken voor een collectieve
schaalaanpassing. Dit jaar krijgen alle werknemers deze aanpassing.
Vanaf volgend jaar krijgen werknemers die niet voldoende
functioneren de helft structureel. Het restant wordt betaald als
eenmalige uitkering. Dit betekent dat de medewerkers nog maar de
helft van hun beloning automatisch krijgen. Het andere stapje hoger
in de schaal, zit gekoppeld aan de prestatie van de medewerker.
Philips wil hiermee het automatisme van de collectieve verhoging
gedeeltelijk vervangen door het te koppelen aan normaal
functioneren.
Terpstra is niet over de regeling te spreken: 'Dit is een
individuele beloning over prestatie, achteraf. De werknemer wordt op
een patriarchale manier aan het handje genomen. Mijn uiteindelijke
conclusie over de prestatiebeloning bij Philips is: "daar komt
helemaal niets van terecht". Dit past niet bij modern
ondernemerschap en bij het imago "let's make things
better" '.
Het kan ook anders. 'Beter is toekomstgericht denken zoals
ontwikkelingsbeloning', aldus Terpstra. Bij ontwikkelingsbeloning
komen werknemers die breed inzetbaar zijn of hun inzetbaarheid
vergroten door extra scholing en ontwikkeling, in aanmerking voor
deze extra beloning.
Schram, die bij het overleg betrokken was, reageert: 'Het
collectieve gedeelte ook in een flexibele beloning meenemen is
redelijk nieuw.' (Vaak is prestatiebeloning een extra
beloningsinstrument, maar bij Philips is het een vervanging van een
deel van de standaardverhoging.)
Volgens Gert van Doorn, woordvoerder van Philips, komt er naast de
prestatiebeloning ook een bonusregeling. Om de leidinggevenden te
ondersteunen bij de beoordeling is het 'management
performingshandboek' uitgebreid met dit onderwerp. Veel grote
bedrijven hebben handboeken waarin vermeld staat hoe het management
in bepaalde situaties moet of kan handelen.
De FNV houdt de ontwikkelingen in de gaten. 'We moeten maar zien hoe
het uitpakt. We hebben een stevige evaluatie afgesproken na twee
jaar', aldus Schram.
Is de prestatiebeloning bij Philips een eendagsvlieg of is er sprake
van een trend?
Van de Kooy verwacht navolging: 'Er worden soortgelijke studies
verricht bij andere ondernemingen.'
Nederlanders en beoordelen
Leidinggevenden houden niet van het uitdelen van negatieve
beoordelingen.
Past prestatiebeloning wel binnen de Nederlandse cultuur?
'Ik ben geneigd om te zeggen dat dat niet het geval is', aldus
Terpstra.
Koppens heeft een vergelijkbare mening. 'Zoveel bedrijven, zoveel
verschillende culturen. Soms zal het niet passen binnen een
bedrijfscultuur. Echter, bedrijven zijn niet verplicht om te gaan
beoordelen. Ongeacht of er een beloningscomponent is gekoppeld aan
de beoordeling, is en blijft beoordelen een beetje niet-Nederlands
aanvoelen, omdat mijns inziens onze cultuur meer gebaseerd is op
gelijkwaardigheid waarin wij rekening willen houden met de
"zwakkeren". De hardheid die soms gepaard kan gaan met
beoordelen is een (voor)oordeel dat leeft, wat echter niet altijd de
waarheid is. Het zou
kunnen dat mensen beoordelen zien als een Amerikaanse manier van
personeelsbeleid of het beschouwen als een
"verdeel-en-heers"-strategie.'
'Wat is de Nederlandse cultuur?' is de wedervraag van Peters.
Volgens hem komen leidinggevenden vaak tussen twee vuren te zitten.
'Gevolg hiervan is dat de onderlinge verhoudingen onder druk worden
gezet, met mogelijk allerlei ongewenste gevolgen: onvrede,
teleurstelling, frustratie, argwaan, killere sfeer en vul maar in.
Alleen theorie? Dat geloof ik niet. Ik heb dit soort verhalen wel
vaker gehoord of gelezen. Het is de consequentie van "merit
rating": onderling rangordenen van collega's op basis van
prestaties.'
'In de cultuur van onze organisatie past het heel goed', aldus
Overbeeke.
Toekomst
De CNV kiest voor ontwikkelingsbeloning. 'Het credo "werk,
werk, werk" wordt wat mij betreft omgebouwd naar
"scholing, scholing, scholing" aldus de voorzitter.
Er wordt aan de werkgeverskant zelfs gesproken over werklozen via de
uitkering negatief prikkelen, als de werkgever scholing heeft
aangeboden maar de werknemer dat niet heeft aangenomen.
'In algemene zin denk ik dat meer flexibele beloning een trend is
die zal voortzetten'. zegt Van de Kooy. En misschien krijgt hij wel
gelijk. Want het federatiebestuur van de FNV heeft onlangs besloten
prestatieloon bespreekbaar te maken.
Om medewerkers te motiveren kiezen we natuurlijk wel voor beloning
en niet voor inhouding van een deel van de collectieve verhoging. Er
zijn ten slotte meer vacatures dan gegadigden
U kunt het artikel ook vinden op:
Intermediair online
©Jolanda Pikkaart.
Deze tekst wordt uitsluitend aangeboden voor persoonlijk gebruik.

|